Volgens de Nederlandse Gezondheidsraad sterven er ieder jaar circa 1.100 mensen aan mesothelioom en asbestgerelateerde longkanker. Volgens buitenlandse statistieken kan dit cijfer voor ons land wel 4 keer zo hoog liggen. Namelijk als daarin ook andere vormen van asbestgerelateerde kankers zijn inbegrepen die wij in onze eigen statistieken – tot mijn bevreemding – niet meerekenen.
Hoe je het ook bekijkt, dit zijn heel veel onnodige doden. Die onderstrepen maar weer dat Nederland een belangrijke asbestgeschiedenis heeft met een lange en trieste nasleep. Iets waar wij als maatschappij nog tot in lengte van decennia de gevolgen van zullen ondervinden.
Het belang van (goede) asbestsanering
Daarom is het zo belangrijk om asbest te verwijderen. Om daarmee de voortdurende blootstelling te verminderen aan het asbest waarmee wij in ons dagelijks leven omringd zijn. Uiteindelijk is het namelijk heel simpel: hoe minder asbest om ons heen, hoe minder blootstelling, hoe minder asbestdoden op termijn.
Maar bij die asbestverwijdering is het wel van belang dat wij met z'n allen kunnen vertrouwen op de kwaliteit van de asbestverwijdering. Daarom is het recente rapport van de Nederlandse Arbeidsinspectie (NLA) zorgwekkend. En ook vervelend, want de strekking van dit rapport is niet nieuw, het is al vaker vastgesteld. De NLA heeft namelijk steekproefsgewijze geconstateerd dat ruim een derde van alle asbestsaneringen niet goed genoeg is om een eindkeuring te doorstaan.
Wat wil dat zeggen? Volgens de NLA dat de gesaneerde omgeving nog niet voldoet aan de arbeidsstandaard voor asbestblootstelling. Het is dus eigenlijk nog niet schoon. Het vervelende hiervan is dat asbestvezels zo klein zijn dat je ze niet met het blote oog kunt zien. Het kan schoon lijken, maar is het misschien nog niet. Je moet dus als leek echt volledig kunnen vertrouwen op de eindrapportage waaruit blijkt dat de gesaneerde omgeving schoon, veilig en gezond is.
Check sanering met een contra-expertise
Wat kun je doen om zeker te weten dat de werkomgeving veilig is? Je kunt overwegen om met de saneerder af te spreken dat je na de sanering en eindcontrole een contra-expertise zult inschakelen die je zelf uitkiest. En dat de saneerder die moet betalen bij een positief advies (lees: asbest aanwezig, dus toch niet goed schoon gemaakt). Daar kan een redelijke saneerder stellig niets op tegen hebben, want als hij zijn werk goed doet kost dit hem niets. Bij een positieve uitkomst gaan er dan uiteraard nog een tweede schoonmaakbeurt en een tweede keuring overheen.
Gelukkig heeft het vertegenwoordigende orgaan van de Nederlandse (asbest)laboratoria, Fenelab, samenwerking met de NLA toegezegd om deze teleurstellende resultaten te verbeteren. Op hoop van zegen! Want je gunt iedereen een veilige werkplek en een veilig huis.













