Met enige regelmaat verschijnen in de pers berichten over de gezondheidsrisico’s van straling. Straling van elektriciteitsmasten en UMTS-zenders, maar soms ook van mobiele telefoons. In sommige gevallen betreft het vage verhalen over stralingsgevoelige individuen. Wetenschappelijk bewijs is er niet. Weten¬schappelijke rapporten die beweren dat er wel degelijk reden tot zorg is, worden veelal op methodologische gronden naar de prullenbak verwezen. Zo ook het Bio-Initiative rapport uit 2007. In dat rapport is de bestaande kennis op een rijtje gezet, met als conclusie dat de oudere onderzoeken weliswaar geen bewijs voor stralings-risico’s opleveren maar dat recentere onderzoeken aantonen dat er bij langdurige en frequente blootstelling aan straling wel degelijk risico’s bestaan.
De Nederlandse overheid ziet vooralsnog weinig aanleiding om maatregelen te treffen. Zij baseert zich daarbij op de geruststellende rapporten van de Gezondheidsraad en het Kennisplatform. Op Europees niveau echter wordt wel degelijk aangedrongen op scherper beleid.
Voorzorg is niet alleen van belang bij mobiel bellen in de privésituatie, maar uiteraard ook met het oog op de bescherming van werknemers. Or’s kunnen hierbij een voortrekkersrol spelen, door gebruik te maken van hun bevoegdheden. Nu zal het aanschaffen van een mobieltje niet snel worden gezien als een ‘belangrijke investering’ als bedoeld in art. 25. Maar als er bijvoorbeeld wordt geïnvesteerd in een nieuwe telefooncentrale, kan er wel degelijk sprake zijn van een belangrijk besluit. Bovendien hoeft de or niet te wachten op de aanschaf van nieuwe telefoons. Hij kan zich ook actiever opstellen, door het onderwerp op de agenda van de overlegvergadering te zetten. Het mogelijke risico van mobieltjes is immers een arbo-onderwerp.. Nog los van de precieze blootstelling en de vraag of daardoor eventueel normen worden overschreden, is het in het algemeen verstandig om de blootstelling te minima¬liseren. Nog steeds zijn er telefoons in de handel met nog veel lagere straling – telefoons met een vaste lijn. Zeker in kantoorsituaties is het meestal onnodig mobiele telefoons te gebruiken.
Hoe korter de blootstelling, des te kleiner het risico. Een voor de hand liggende methode om de blootstellingsduur te beperken, is gesprekken kort te houden. Een andere, zeer eenvoudige tip is om na het intoetsen van het nummer het toestel niet onmiddellijk bij het oor te houden. Bij het leggen van verbinding wordt namelijk het meeste straling gegenereerd. Beperking van de blootstellingsduur is vooral ook van belang op plekken of situaties met een slechte ontvangst.












